Bij het beoordelen van echografische beelden is een systematische aanpak essentieel. Echografie, zoals eerder aangegeven, is sterk afhankelijk van de interpretatie van de onderzoeker. Zonder vaste structuur is het risico groter dat er aspecten gemist worden of op verkeerd geïnterpreteerde bevindingen.
Om hier structuur aan te koppelen voor consistentie en reproduceerbaarheid wordt er door de echografisten gebruik gemaakt van: HoCoDiVoTo.
HoCoDiVoTo staat voor:
Homogeniteit
Homogeniteit verwijst naar de gelijkmatigheid van het echobeeld binnen een weefsel. Gezond weefsel vertoont over het algemeen een herkenbaar en relatief uniform patroon van echogeniciteit.
Verandering in de homogeniteit van het weefsel kan wijzen op problematieken zoals; degeneratie, littekenvorming, oedeem of overbelasting. Een inhomogeen beeld kan verklaringen bieden waarom een structuur mogelijk minder belastbaar is of klachten veroorzaakt.
Continuïteit
Continuïteit beschrijft de mate waarin een structuur ononderbroken en intact zichtbaar is. Hierbij wordt gekeken of vezels, zoals in de spieren en pezen, een doorlopend verloop hebben.
Een onderbreking of verstoring van de continuïteit kan wijzen op een partieel of volledig ruptuur van een spier, pees of ligament. Ook kan het eventuele een indicatie zijn van een mogelijke (avulsie)fractuur als er een verstoring is van de botlijn. Het beoordelen van de continuïteit is daarom belangrijk om onderscheid te maken tussen intact weefsel en structurele schade.
Diameter
De diameter verwijst naar de dikte of omvang van een structuur. Deze wordt vaak vergeleken met bestaande referentiewaarden of met de contralaterale zijde.
Een toegenomen diameter kan passen bij; zwelling, ontsteking, overbelasting en degeneratieve beelden. Terwijl een afgenomen diameter juist kan duiden op: atrofie, ruptuur, of chronische veranderingen. Verandering in diameter kan informatie geven over de belastbaarheid van een structuur en het stadium van het herstelproces.
Vocht
Vocht betreft de aanwezigheid vloeistof in of rondom een structuur. Dit is zichtbaar als een donkere (anechogene) zone op het echografische beeld.
Vocht kan duiden op een ontstekingsreactie, irritatie of verhoogde belasting. Het kan zich bevinden in en rondom slijmbeurzen, gewrichten, peesscheden, spieren en ligamenten. De aanwezigheid en de hoeveelheid vocht kan helpen bij het verklaren van de pijn, bewegingsbeperkingen en het beloop van de klachten.
Toegevoegde structuren
Toegevoegde structuren zijn structuren die normaal niet aanwezig zijn of niet op de plek verwacht worden. Denk hierbij aan: verkalkingen, littekenweefsel, verdikkingen of cystevorming.
Het herkennen van toegevoegde structuren helpt bij het onderscheiden van normaal en afwijkend weefsel. Deze structuren kunnen invloed hebben op bewegingsvrijheid, belasting en eventueel aanwezige klachten en zijn daarom relevant om in kaart te brengen.